Heel toevallig keek ik maandagavond [25 september 2017] naar de DWDD met als hoofdgast Griet Op de Beeck. Ik kijk zelden naar het programma omdat ik dan meestal nog aan het werk ben, maar dit keer wel toevallig. Op de Beeck kondigde haar nieuwe roman aan die over incest gaat. Ook vertelde ze dat ze lang getwijfeld heeft of ze zou vertellen dat ze zelf slachtoffer is geweest van incest. Omdat ze niet wil liegen in haar antwoorden op vragen over het boek, heeft ze na rijp beraad besloten van tevoren aan te kondigen dat ze een incestslachtoffer is en daar heeft ze het programma DWDD voor gekozen.

Op de Beeck heeft een tijd van haar leven aan allerlei onverklaarbare klachten geleden zoals anorexia, depressie en had een suïcide wens. Na vele bezoeken aan psychotherapeuten, kwam ze samen met haar therapeut eindelijk tot de ontdekking dat ze door haar vader misbruikt is tussen haar vijfde en negende jaar. Wat aarzelend voegde ze er tijdens de uitzending aan toe dat je op die leeftijd geen woorden voor kunt vinden voor dit soort gebeurtenissen en het dus verdrongen kunt hebben omdat het te vreselijk is. Een bijzonder tragisch verhaal waar ze veel aan geleden heeft.

Toen ik dit zo zag, moest ik weer denken aan wat ik heb geschreven in het tweede deel van Het collectief geheugen over de Bolderkar-affaire in de tachtiger jaren. Ook daar werd, maar dan op grote schaal, misbruik geconstateerd tussen kinderen en ouders. Met een bepaalde techniek had men het misbruik boven water kunnen krijgen. Bij nader onderzoek bleek de gebruikte techniek niet goed toepasbaar, men wist zich niet goed raad met het verschijnsel en de realiteit ervan, waardoor het dossier na jaren gesloten werd zonder een bevredigende eindconclusie. Op de Beeck vertelt dat ze 107 aanwijzingen heeft die op misbruik wijzen. Eén ervan wilde ze wel vertellen, de andere vond ze te confronterend om in het programma te noemen. De herinnering die ze deelde ging over het sterfbed van haar vader; hij vroeg of ze zijn hand vast wilde houden waarop zij verstarde van angst.

Op de Beeck kiest voor een roman en niet voor een autobiografie of een biografische roman. Dit onderscheidt haar van andere incestslachtoffers.

Net als bij de Bolderkar-affaire speelt hier mijns inziens een situatie waar men nog maar weinig oog voor heeft in de psychoanalyse. Het is een thema dat ik in mijn meer dan twintigjarige werkervaring met cliënten, heel vaak tegen ben gekomen. Veel van mijn incestcliënten worstelen met het exacte verhaal dat ze zich niet meer kunnen herinneren. Psychotherapeuten hebben hen vaak verteld dat dit komt omdat het te vreselijk is om het je te herinneren en dat ze het verdrongen hebben. Veelal geeft deze verklaring toch geen echte oplossing. Ze blijven twijfelen omdat ze zich het vreselijke gebeuren niet meer echt concreet kunnen herinneren, terwijl ze toch een naaste beschuldigen. Ik heb met mijn manier van werken gemerkt dat iets heel belangrijks over het hoofd wordt gezien en dit heeft te maken met het manco dat aanwezig is in de hedendaagse psychologie. Het heeft te maken met het feit dat men niet goed weet wat er allemaal ligt opgeslagen in het onbewuste. In het onbewuste liggen namelijk veel herinneringen opgeslagen aan vorige levens die vermengd worden met niet paraat bewustzijn uit dit huidige leven. Zo zou het kunnen zijn dat in een recent leven de ziel van Op den Beeck een gedwongen liefdesrelatie heeft gehad met de belichaming van de ziel van haar vader wat de reden kan zijn dat ze zich het gebeurde niet meer concreet kan herinneren.

Nu in de nieuwe eeuw de grens tussen bewuste en onbewuste steeds dunner wordt, – zich onder meer uitend in korte lontjes -, komen vele onbewuste herinneringen van zowel vorige levens als van niet parate kennis in dit leven, vanuit het onbewuste naar boven; het druppelt als het ware binnen in het huidig bewustzijn. De vraag die je daarbij steeds moet stellen is: wat is wat? In dit soort cases is mij gebleken dat wanneer je dit trauma in perspectief zet, de genezing van het trauma veel sneller gaat en niet zo ontwrichtend werkt op de directe omgeving. Gelukkig is in Op de Beecks situatie, haar vader al overleden; ik vermoed dat dat de reden is dat ze er nu mee durft te komen, maar bij haar verhaal had ik sterk het gevoel dat dit wel eens zo’n situatie zou kunnen zijn waar zaken uit een vorig leven op dit huidige leven worden geprojecteerd. Haar verhaal in DWDD voelde voor mij als integer, maar ook als wat verontschuldigend, onzeker, of zo…. Dit heb ik vaker zo gezien. Ik denk dat in de psychoanalyse de strenge regel gehanteerd zou moeten worden dat wanneer een herinnering niet primair te koppelen is aan een feitelijke herinnering het niet op het actuele leven mag worden geplakt. Dit is echter moeilijk omdat de psychotherapeut niets anders te bieden heeft dan het hier en nu, aangezien voor de meesten van hen reïncarnatie niet bestaat!

Het feit dat het in Op de Beecks onbewuste zo’n grote plaats heeft ingenomen is op zich zelf dramatisch genoeg, maar ik zou haar gunnen dat ze het misbruik eens in dit licht zou kunnen bekijken.

1 thought on “Griet Op de Beeck in De Wereld Draait Door”

  1. Wilma….netals jij keek ik gisteraaf onverwacht naar DWDD met het interview van Matthijs met Griet….’t rakelde bij mij veel herkenbare emotie op tav mijn ervaring op dezelfde leeftijd met de vader van ‘n vriendinnetje…pas na ‘n heftige confrontatie/operatie op mn 47ste (nekhernia/eierstokkanker) kwam ‘alles’ eruit qua psycho-analyse/hypnose/medium/healing etc…..jouw reaktie lezend,ervaar ik ‘n groot inlevings/invoelingsvermogen,Wilma…..

    thnxx 4 sharing….greetz, Wilma

    P.S…..vanmorgen trok ik mn dagelijkse affirmatie uit mn meegenomen Mindlightbox uit South Africa:
    ‘I’m not a victim – I take responsibility for myself’….

Leave a reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *