Hartelijk dank voor alle reacties. Voor elke visie is wat te zeggen alhoewel de waarneming van Frea (zie vorig actueel het eerste commentaar) mij het meest tot nadenken stemde. Zou inderdaad “absoluut” niet voortkomen uit het feit dat alles op dit moment zo niet-absoluut is?. Met andere woorden: zou het toenemende fundamentalisme niet gewoon een reactie zijn op het feit dat wij onze wortels niet meer kennen. Een discussie die op het dit moment ook gevoerd wordt tussen Geert Mak en vele critici. Zij betichten hem ervan dat hij voor het fundamentalisme is maar in wezen verkondigt hij alleen maar verdraagzaamheid.

In dat opzicht heeft Trudie gelijk dat zij hier een sterk Plutonische oorzaak in ziet. Nog een suggestie voor Trudie: 29 jaar geleden deed de zogenaamde turbotaal zijn intrede. Enige uitdrukkingen die ik me nog herinner: “achteruit eten” is kotsen en Agrarische penis was een boerenlul. “Huighockey” is tongzoenen. Zie voor verder turbotaal: www.taalkabaal.nl/turbotaal/indexh.php NB. Ik hoop in later actueel ook nog in te gaan op de suggestie van Dré Aukes die het over het woord “naar” heeft.

Nu mijn andere voorbeeld:

Bij elke ontmoeting die we tegenwoordig hebben wordt er gevraagd: “Hoe is ‘t?”. Mijn (ex)zwager begon hier al vele jaren geleden mee toen deze kreet nog niet algemeen bekend was. Helaas weet ik niet meer precies wanneer. Wat ik wél merkte is dat er totaal geen interesse achter deze vraag zat. Dat het alleen maar ging om een standaardkreet die uitgesproken werd wanneer je in iemands gezichtsveld komt.  Al snel bemerkte ik daar een variant op kwam namelijk: “Alles goed?” wanneer je iemand na enige tijd weer ontmoet.In onze familie, die overigens helemaal niets met elkaar heeft, hooguit de liefde voor katten, werd dit door mijn oudste zus veelal geopperd wanneer we weer zo’n nietszeggende familiebijeenkomst hadden waar iedereen wel veroordeeld werd maar niet op zijn kwaliteiten gewaardeerd….. Dit ergerde me dus uitermate, tot het moment dat ik in een overmoedige drieste bui een keer de vraag stelde: “interesseert het je écht???”. Ik zag een totaal verbouwereerd gezicht en daarna een enorme woede die overeenkomt met: “Hoe durf je de harmonie te verstoren…..”.

Enige maanden later, ik spreek nu over ruim drie jaar geleden, ontdekte ik dat “alles goed?” een modekreet was en dat iedereen maar te pas en te onpas dit roept: “Alles goed?”, zonder hier verder enige innerlijke consequenties aan te verbinden. Zeg je b.v.: “nu niet zo goed”, dan word je verstoord aangekeken alsof je spelbreker bent terwijl het op zo’n moment echt “kloten” kan gaan maar wie heeft daar oog voor? Met andere woorden heb niet het lef om te zeggen dat je harmoniepatroon verstoord is. Om maar met Kundera’s boek te spreken, we leven in: “De ondragelijke lichtheid van het bestaan”.

Ook uit dit fenomeen wordt duidelijk dat hier de tirannie van Venus aanwezig is; de dienaar van het harmoniepatroon.De inferieure Saturnus speelt hier ook een belangrijke rol. Saturnus is heer van het karma en wil in wezen karma keren of bewust laten worden; dit gebeurt veelal door her ervaren van grenzen/pijn. De inferieure Saturnus wil dit juist niet en is angstig. Je kunt dan ook spreken van een soort antikarma. In de antroposofie wordt dit Ahriman genoemd.

De krachten van Ahriman houden de mens gebonden aan de materie en dulden geen zelfstandig denken. Wanneer je vraagt: “Alles goed?” en geen differentiatie daar in duldt, ben je gevangene van de Ahrimaanse krachten.